Waarom hockey zo blessuregevoelig is
Voordat we de vier blessures doornemen, is het belangrijk om te begrijpen waarom hockey zo veel blessures oplevert. Hockey combineert een aantal belastende factoren die je bij weinig andere sporten zo tegenkomt.
De continu voorovergebogen houding (40 tot 60 graden flexie) belast je rug, heupen en hamstrings constant. De asymmetrische stickhandling zorgt voor ongelijke belasting van je wervelkolom, want je draait altijd dezelfde kant op. De explosieve richtingsveranderingen op kunstgras zorgen voor hoge draaibelasting op je knieën en enkels, want het kunstgras houdt je voet vast. En dan zijn er de hockeyballen die met snelheden tot 130 kilometer per uur worden geslagen en de stick die een fors blessurerisico vormt.
Herken je dit?
Wekelijks zien we hockeyers in onze praktijk met een van deze situaties:
Je knie voelt instabiel na een draaibeweging tijdens een wedstrijd
Je verzwikte je enkel en denkt dat het wel mee zal vallen, maar na vier weken zwikt hij weer
Je achillespees voelt stijf bij opstaan en wordt warm in de eerste minuten van een wedstrijd
Je lage rug blokkeert na een lange training of wedstrijd
Je doet al weken aan het zelf oefenen maar het wordt niet beter
Herkenbaar? Laat dan niet onnodig tijd verstrijken. Elke week uitstel maakt de revalidatie complexer.
1. Knieblessures bij hockey
Hoe ontstaan ze?
Knieblessures vormen ongeveer 23 procent van alle hockeyblessures. Het typische mechanisme: je voet blijft staan in het kunstgras terwijl je bovenbeen draait. Er ontstaat een verdraaiing in het kniegewricht die kan leiden tot meniscusletsel, scheuren van de mediale collaterale band of in het ergste geval een voorste kruisbandruptuur. Bij een kruisbandscheur hoor of voel je vaak een "pop", gevolgd door directe zwelling en het onvermogen om te belasten.
Hoe herken je een knieblessure?
Acute knieblessures geven directe pijn, zwelling binnen een paar uur en vaak het gevoel dat de knie "niet vertrouwd" is. Je kunt moeite hebben met draaien, traplopen of zelfs gewoon belasten. Bij een meniscusprobleem is er vaak sprake van een klik of slotgevoel. Bij een kruisbandscheur is de knie direct dik en voelt hij onstabiel.
Behandeling en revalidatie
Bij een milde blessure (kneuzing, lichte bandoverrekking) start de revalidatie binnen enkele dagen met mobiliteit, kracht en stabiliteit. Bij een kruisbandscheur is vaak een operatie nodig als je actief wilt blijven hockeyen, gevolgd door een revalidatietraject van 9 tot 12 maanden. Cruciaal in dit traject is de overgang van krachtopbouw naar sport-specifieke training. Dat is waar plyometrisch trainen en acceleratie- en deceleratietraining het verschil maken.
De meeste fysiotherapeuten stoppen zodra je pijnvrij kunt squatten en hardlopen. Maar hockey is niet hardlopen in een rechte lijn, hockey is explosief draaien en afremmen. Als je deze bewegingen niet getraind hebt voordat je terugkeert, is het risico op een nieuwe blessure aanzienlijk. Daarom doen we bij elke hockeyer voor de sporthervatting een Return to Play Check met objectieve krachttesten en hop-tests. Lees meer over kniepijn en onze aanpak in het artikel wanneer mag ik weer sporten.
2. Enkelverzwikking
Hoe ontstaan ze?
Enkelverzwikkingen zijn goed voor 20 procent van alle hockeyblessures. Door het vele wenden en keren op een kunstgrasmat die je voet vasthoudt, is het risico op een verzwikking hoger dan bij veel andere sporten. In de meeste gevallen klapt de enkel naar buiten toe door (inversietrauma), waarbij de buitenste enkelbanden worden uitgerekt of scheuren.
Hoe herken je het?
Een scherpe pijn aan de buitenkant van de enkel tijdens de verzwikking, gevolgd door zwelling en blauwe verkleuring. Afhankelijk van de ernst kun je nog wel of niet belasten. Bij forse zwelling, het onvermogen om vier stappen te zetten of pijn op specifieke botpunten is een rontgenfoto aangewezen om een breuk uit te sluiten (Ottawa Ankle Rules).
Behandeling en revalidatie
Hier zit een van de grootste misverstanden over enkelverzwikkingen. "Het is maar een verzwikking" is de zin die we het vaakst horen, en precies de zin die leidt tot chronische enkelinstabiliteit. Zonder goede revalidatie ontwikkelt tot 74 procent van de sporters chronische klachten. Een enkel die steeds opnieuw door gaat.
Goede revalidatie bestaat uit drie fases. De eerste twee weken: bescherming met gecontroleerde belasting, enkelmobilisaties volgens Maitland en isometrische kuitversterking. Week 2 tot 6: krachtopbouw en intensieve proprioceptietraining. Dit is de fase die het verschil maakt tussen een enkel die herstelt en een enkel die chronisch instabiel wordt. Vanaf week 6: sportspecifieke opbouw met plyometrie en richtingsveranderingen.
Na gemiddeld 12 weken ben je weer helemaal hersteld, mits de revalidatie goed verloopt. Lees meer over enkelpijn en onze aanpak. Onze insteek bij voetbal en zaalvoetbal is vergelijkbaar, dus check ook het artikel over enkelverzwikkingen bij voetbal en zaalvoetbal.
3. Achillespeesblessures
Hoe ontstaan ze?
Achillespeesblessures bij hockey komen voor in twee vormen. Acute overbelasting door bijvoorbeeld een klap van een stick op de pees. En veel vaker: chronische overbelasting door het te snel opbouwen van trainingsvolume of -intensiteit. De pees krijgt niet genoeg tijd om zich aan te passen, waardoor het peesweefsel in kwaliteit achteruit gaat. Dit heet achillespees tendinopathie.
Hoe herken je het?
Een zeurende of stekende pijn aan de achillespees, vaak 2 tot 6 centimeter boven de aanhechting op de hiel. Typisch is de ochtendstijfheid: je eerste stappen uit bed zijn stijf en pijnlijk, na opwarmen wordt het beter. Tijdens een training voelt de pees vaak eerst stijf en warmt dan op. Na de training en de volgende ochtend komt de pijn terug. Bij drukken op de pees voel je een gevoelige plek, soms een verdikking.
Behandeling en revalidatie
Achillespees tendinopathie is een hardnekkige klacht die veel hockeyers maanden parten speelt. De goede nieuws: er is een behandeling met sterk wetenschappelijk bewijs, namelijk excentrische kuittraining volgens het Alfredson-protocol. 3 sets van 15 herhalingen op gestrekt been en 3 sets van 15 op gebogen been, twee keer per dag, 12 weken lang.
Klinkt simpel, maar de uitvoering is nauwkeurig werk. Op welke intensiteit begin je? Hoe ga je om met pijn tijdens de oefening? Wanneer kun je opbouwen naar hoppen en springen? Dit zijn vragen die een sportfysiotherapeut kan beantwoorden op basis van jouw specifieke situatie. Aanvullende technieken die we inzetten zijn active release technieken voor de kuitmusculatuur en enkelmobilisaties om de mobiliteit te optimaliseren. Lees meer over achillespeesklachten.
4. Rugblessures
Hoe ontstaan ze?
44 procent van de tophockeyers rapporteert lage rugpijn gedurende een seizoen. Ook bij amateurs is het een van de meest voorkomende klachten. De oorzaak ligt vrijwel altijd in de combinatie van de voorovergebogen houding en de asymmetrische stickhandling. Je wervelkolom wordt urenlang in flexie belast, terwijl je ook nog eens continu naar dezelfde kant draait. Bij dragflickers (strafcorners) komt daar nog een extreme lateroflexie en rotatie bij.
Hoe herken je het?
Zeurende of stekende pijn in de lage rug, meestal aan een kant. De pijn verergert bij langdurig voorovergebogen staan, lang stilstaan of na een wedstrijd. Soms stralen de klachten uit naar een bil of bovenbeen. Bij uitstraling tot onder de knie, tintelingen of krachtverlies in een been is altijd een nader onderzoek aangewezen om een hernia uit te sluiten.
Behandeling en revalidatie
De meeste rugklachten bij hockey zijn zogeheten a-specifieke rugklachten, zonder aantoonbare structurele oorzaak. De behandeling richt zich op twee sporen tegelijk. Ten eerste het verminderen van de acute klachten met hands-on technieken, waaronder Maitland mobilisaties, en ademhalings- en ontspanningstechnieken. Ten tweede, en minstens zo belangrijk, het opbouwen van core stability en romprotatie. De kleinere diepere spieren (transversus abdominis, multifidus) moeten goed werken om je wervelkolom onder hockeybelasting stabiel te houden. Oefeningen als dead bugs, bird-dogs, Pallof press en gecontroleerde romprotaties zijn de basis. Lees meer over rugpijn.
Wanneer moet je naar de sportfysiotherapeut?
Bij hockey geldt: hoe eerder een blessure goed wordt beoordeeld, hoe sneller en beter het herstel verloopt. Maak een afspraak als je klachten langer dan 5 tot 7 dagen aanhouden ondanks rust, als je acute pijn hebt met zwelling na een verdraaiing, als je niet meer op volle kracht kunt belasten, als de pijn terugkomt zodra je weer gaat trainen, of als je eerder geblesseerd bent geweest aan dezelfde plek en twijfelt of je echt klaar bent om te spelen.
Wij zijn sportfysiotherapeuten die hockey begrijpen. We kennen de specifieke belasting van het spel, de eisen per positie (keeper, verdediger, middenvelder, aanvaller) en het verschil tussen kunstgras en natuurgras. Dat maakt de begeleiding specifieker en effectiever dan bij een algemene fysiotherapeut.
Preventie: blessures voorkomen is beter dan genezen
Veel van deze blessures zijn te voorkomen met een gerichte warming-up en preventief oefenprogramma. Het "Start Sterk" programma van de KNHB en VeiligheidNL, een 12-minuten warming-up voor hockey, vermindert het blessurerisico met 46 procent bij jeugdspelers. Lees meer over preventieve oefeningen in ons artikel hockeyblessures voorkomen.
Veelgestelde vragen
Hoe lang duurt het herstel van een hockeyblessure?
Dit hangt af van het type blessure. Een milde verzwikking herstelt in 2 tot 3 weken, een forse enkelverzwikking 6 tot 12 weken. Achillespees tendinopathie duurt 3 tot 6 maanden. Een kruisbandreconstructie vraagt 9 tot 12 maanden revalidatie voordat je veilig kunt terugkeren.
Kan ik doorhockeyen met een blessure?
Bij acute blessures met zwelling, forse pijn of instabiliteit: nee, stop direct. Bij chronische klachten die al langer spelen: pas je belasting aan en laat het beoordelen. Doorhockeyen met pijn maakt het vrijwel altijd erger en verlengt de revalidatie.
Vergoedt mijn verzekering de behandeling?
Fysiotherapie voor sportblessures wordt vergoed vanuit je aanvullende verzekering. Het aantal behandelingen hangt af van je polisvoorwaarden. Voor de eerste 20 behandelingen (bij een chronische indicatie) geldt geen basisverzekeringsdekking; daarna wel. Twijfel je over je vergoeding? Bel ons en we zoeken het samen uit.
Wacht niet te lang
Veel hockeyers proberen blessures eerst zelf op te lossen. Wat rusten, wat taperen, wat rekken. Soms helpt dat, maar bij aanhoudende klachten is elke week uitstel een week extra herstelproces. Onze sportfysiotherapeuten beoordelen in een eerste consult wat er aan de hand is, of je door kunt hockeyen en welk plan het beste past bij jouw situatie, positie en ambitie.
Contact en locaties
Speel je hockey in Haarlem, Hoofddorp, Badhoevedorp of omgeving en heb je last van een blessure? Maak direct een afspraak bij een van onze locaties:
Fysiotherapie Passion For Health Haarlem
Fysiotherapie Passion For Health Hoofddorp
Fysiotherapie Passion For Health Badhoevedorp